Tagarchief: not just any book

Ouder worden

Wat is dat toch verraderlijk. Zo’n dun boekje, een bundeltje gedichten. Maar oh, wat een inhoud! Zo razend knap dat iemand (in dit geval Ingmar Heytze) met een paar woorden niet alleen een beeld weet te schetsen, maar eigenlijk een hele (mentale) film. Prachtig om te ervaren. Poëzie hoort nog steeds niet tot mijn standaard leesvoorraad. Daarom ben ik elke keer weer erg verheugd als ik via de boekenbloggersleesclub Een perfecte dag voor literatuur in de gelegenheid word gesteld om kennis te maken met moderne, Nederlandse poëzie. En stiekem hoop ik natuurlijk dat ik door deze blogpost ook anderen zo ver krijg om eens een gedichtenbundel uit het schap te pakken. In een vorige blogpost over een poëziebundel heb ik beschreven dat het lezen van gedichten een andere aanpak vraagt dan het lezen van een roman. En voor de bundel die vandaag in het spotlicht staat, De man die ophield te bestaan (Uitgeverij Podium), geldt nog eens extra dat de volgorde van de gedichten ook de volgorde van lezen moet zijn.

Heytze beschrijft namelijk via korte gedichten hoe het is om vader te worden. Vanaf het schokeffect van de eerste echo tot en met het moment dat de kleine een eigen plek in de wereld gaat innemen. Zo lieflijk, zo treffend omschreven. Met lieflijk bedoel ik zeker niet zoetsappig. Het is juist bijzonder indrukwekkend hoe de dichter met een redelijk nuchtere blik constateert dat het leven nooit meer hetzelfde zal zijn en dat hij van “man” zich ontwikkelt naar “ouder”. Hij merkt dat aan de veranderingen in huis (bijvoorbeeld in het gedicht Blije doos), maar ook aan zijn eigen gedachten en herinneringen aan zijn eigen vader (Smalfilmjaren).

Ik ben een vrouw (verrassend, hè 🙂 ), dus ik heb geen flauw benul hoe het is om vader te worden. Hoe het is om dit van afstand en toch heel dichtbij te ervaren. Sterker nog, ik weet ook niet wat het is om fysiek moeder te worden. En toch durf ik te zeggen dat ik wel heb ervaren hoe het is om “ouder” te worden. Dat gevoel ontstond toen ik, jaren geleden, mijn lief eindeloos veel malen voor het slapengaan aan zijn kinderen hoorde voorlezen uit een stokoud boekje (1936) Kleine Sjang van E.F. Lattimore (destijds uitgegeven bij Leopold). Dit is een kinderboek waarin het kleine Chinese jongetje Sjang allerlei avonturen meemaakt. Spannend voor de kinderen, vertederend om die spanning op hun gezichtjes te zien voor de volwassenen. In het boekje staan overigens ook prachtig gestileerde tekeningen die tegelijk de verbeelding prikkelen en het verhaal ondersteunen (een soort Nijntje-avant-la-lettre). Zijn kinderen hingen aan zijn lippen en door dat intieme voorleeskringetje begon ik te begrijpen welk intens, allesoverheersend en eeuwigdurend gevoel een ouder voor zijn kind voelt. En natuurlijk horen bij opgroeien en opvoeden talloze ups-and-downs, maar dat gevoel is gelukkig onuitroeibaar.

En door dat eindeloos herhalen van dezelfde verhalen moest ik ook vaak denken aan een boekje dat uit de nalatenschap van mijn moeder in mijn boekenkast is terecht gekomen. Dat is het boekje Van schuitje varen tot Van Schendel, geschreven door Annie M.G. Schmidt en uitgegeven door “De vereeniging ter bevordering van de belangen des boekhandels” ergens begin jaren ’50. Hierin beschrijft zij op haar geheel eigen wijze hoe ouders hun kinderen kunnen aanzetten tot lezen. Dat begint al met de prentenboeken voor de allerkleinsten. Het voorlezen neemt in haar adviezen een prominente rol in, waarbij de herhaling voor kinderen heel belangrijk blijkt te zijn. Steeds weer de bevestiging dat het verhaal gaat zoals het gaat, ook al word je daar als vader of moeder misschien wel eens doodop van. Annie M.G. Schmidt heeft zeker ook begrip voor moeders die niet eeuwig tijd hebben om zich te bemoeien met het leeswerk van hun kinderen. Zij geeft voor elke levensfase tot adolescent zeer enthousiasmerende tips. Mocht je dit boekje ergens kunnen bemachtigen, dan raad ik je aan dit eens te lezen. En de manier waarop zij schrijft, lijkt toch ook wel een beetje op poëzie.

Over het thema van ouder worden, over welke veranderingen dat feitelijk met zich meebrengt maar met name ook wat er intern onomkeerbaar gebeurt, over zo’n thema kan natuurlijk met gemak een hele roman worden gevuld waarin de feitelijke en emotionele fases uitgewerkt worden. Maar Heytze bewijst in De man die ophield te bestaan dat de romanvorm totaal niet nodig is. Door een speciale woordkeuze, een juiste volgorde van woorden en zinnen schildert hij het hele verhaal voor onze ogen. Bij sommige gedichten heb ik zelfs een beetje zitten gniffelen. Dat mij dat verbaasde, zegt misschien meer over mij dan over deze gedichten. Deze bundel heeft mij geholpen om te beseffen dat poëzie niet per definitie zwaar en moeilijk is. Deze bundel is echt een aanrader!

Veel leesplezier!

theonlymrsjo

Zelfs zonder dat ik het uitdrukkelijk benoem, vermoed ik dat Uitgeverij Podium begrijpt dat ik blij ben dat ik de gedichtenbundel mocht lezen. Maar mocht er nog enige twijfel zijn: hartelijk dank!

Ik ben zelf erg nieuwsgierig naar wat mijn medebloggers over de bundel schrijven. Ben jij dat ook? Via deze link kom je op de algemene pagina bij Not Just Any Book over deze gedichtenbundel. Op die pagina verschijnen vandaag (30 januari 2015) de linkjes naar de individuele blogartikelen.

Advertentie

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Boek review

Sleutel tot het heden

Weet jij wat een sleutelroman is? Kortweg is een sleutelroman een roman waarin de schrijver weliswaar fictieve personen laat optreden, maar waarin een “goed verstaander” een aantal werkelijk bestaande personen kan herkennen en werkelijke gebeurtenissen. Zo’n effect had de roman De grote goede dingen van Alma Mathijsen (De Bezige Bij) op mij. Het lezen was dan ook zowel een verrassende als een verbijsterende ervaring.

In deze roman draait het om de achttienjarige Mila. Haar vader, Just Rademaker, is op jonge leeftijd overleden, toen Mila 9 jaar oud was. Hij was een begenadigd violist, voorman van een groepje musicerende “vrienden” in de roerige jaren zeventig en iemand met een uitgesproken mening, wars van maatschappelijke opvattingen en verwachtingen. Oftewel de ideale vader, toch? Dat hij daarnaast permanent dronken was door liederlijk drankgebruik en twee en een half pakje sigaretten per dag rookte, tja, dat draagt alleen maar bij aan die idealisering.

Bij het lezen over Just drong zich meteen de herinnering aan een oom van mij op. Hij was absoluut één van mijn favoriete familieleden, maar zoals in elke familie is er in die van mij ook wel het een en ander voorgevallen, waardoor ik zeker de laatste jaren van zijn leven geen contact meer met hem had. Achteraf zó jammer, maar vanuit de burcht van mijn toenmalige thuissituatie was dat contact niet goed mogelijk. Deze oom was in mijn ogen briljant. Hij had een uitstekend stel hersens, hij had een charismatische flux de bouche over zich, die door zijn overmatig drankgebruik nog eens werd versterkt. Mijn oom speelde zeer verdienstelijk piano (en waarschijnlijk, net als Just en zijn vrienden, ook viool). Hij kon eigenlijk alles bereiken wat er te bereiken viel, maar dat is altijd makkelijker gezegd dan gedaan. Daarvoor is een bepaalde maatschappelijke “drive” nodig en dat streek hem tegen de haren. Althans, dat is het verhaal dat ik er zelf van heb gemaakt. Ik heb hem en zijn levenswijze misschien enigszins mooier onthouden dan het daadwerkelijk was. Ik vraag mij regelmatig af wat er van mijn herinneringen zou overblijven als ik gedwongen zou worden om zijn leven op feiten, gebeurtenissen en keuzes te onderzoeken. Zou ik dan nog op dezelfde, allesomvattende manier van hem houden?

Ik vermoed dat iedereen wel eens iets of iemand idealiseert. In eerste instantie gebeurt dat wellicht onbewust, maar vaak komt er een moment waarop wij ons realiseren wat we aan het doen zijn. En dan? Hoe moet het vanaf dat moment verder?

Dat is eigenlijk ook de vraag waarmee Mila wordt geconfronteerd. Was haar vader wel zo geweldig? Was hij geliefd bij zijn “vrienden”? Wat trok hij zich eigenlijk aan van zijn vrouw en dochter? En hoe kon en kan Mila omgaan met het gemis van deze vader in haar leven? Samen met Don, één van die muziekvrienden van Just, trekt zij door Nederland, Duitsland en Israël om steeds meer over haar vader te weten te komen. Tijdens deze reis (voortgedreven door de zoektocht naar een violofoon) ontmoet zij de overige leden van het orkest van haar vader, waarbij zij ontdekt dat de affectie van de een jegens haar vader na al die jaren dieper zit dan bij de ander. Het verhaal speelt zich overigens af in 1994, waardoor je af en toe een beetje moet rekenen om leeftijden, leeftijdsverschillen en gebeurtenissen in het verleden in de juiste context te plaatsen. En soms is het, als vergevorderde veertiger, even slikken als Mila de mannen van halverwege tot eind vijftig als “‘ oude” mannen ervaart 🙂 Mila wordt geconfronteerd met het verleden van haar vader maar zeker ook met haar eigen verleden. De manier waarop Mathijsen beschrijft hoe Mila het (naderende) overlijden van Just heeft beleefd en hoe zij de daarop volgende jaren in haar eigen wereld en werkelijkheid leefde, raakte mij zeer.

Recentelijk las ik De opkomst en ondergang van grootmachten van Tom Rachman (Meulenhoff / Agathon). In die roman draait het om Tooly die in haar begin dertigerjaren ontdekt hoe haar jeugd en adolescentie zijn vormgegeven door een netwerk van personen. Deze personen hebben allemaal hun eigen rol, de een wat meer op de voorgrond dan de ander. Waar het voor Tooly een eye-opener was hoe zij er uiteindelijk (alleen) voor staat, is het grote verschil met Mila dat Mila zich omringd weet door mensen (niet in de laatste plaats haar moeder) die het beste met haar voor hebben. Niemand heeft de wijsheid in pacht. Iedereen probeert op basis van eigen afwegingen te bepalen welke handelswijze het beste is. Of dit uiteindelijk de beste keuze is, is koffiedik kijken.

De titel van deze blogpost is ontleend aan mijn schoolboek voor vaderlandse geschiedenis op de lagere school. De strekking lijkt te zijn dat we door meer te weten over het verleden, het heden beter kunnen begrijpen. Voor mij symboliseert de roman van Mathijsen zeker deze sleutelfunctie. Als je, zoals ik, het voorrecht hebt om mee te mogen doen met de boekenbloggersleesclub Een perfecte dag voor literatuur, krijg je een aantal boeken op een presenteerblaadje voorgeschoteld. Voor die boeken hoef ik dus zelf geen keuze te maken. Bijzonder comfortabel, want het blijft bij elk boek toch weer de vraag op basis waarvan een lezer de keuze maakt om het wel of juist niet te gaan lezen. Zou ik De grote goede dingen uit mijzelf zijn gaan lezen? Achteraf is mij niet een bijzondere schrijfstijl bijgebleven of prachtige sfeerbeschrijvingen en stilistische hoogstandjes. De verhaallijn is ook niet bijster verrassend en het slot redelijk simpel. En ondanks (of wellicht juist: dankzij) dit alles, heb ik van begin tot eind genoten van deze roman. Het was voor mij zowel een onderdompeling in als een confrontatie met mijn eigen familieverleden. Ik ben de schrijfster zeer erkentelijk voor de wijze waarop zij mij deze ervaring heeft gegeven.

Veel leesplezier!

theonlymrsjo

Mijn dank gaat weer uit naar uitgeverij De Bezige Bij voor het beschikbaar stellen van een leesexemplaar, maar zeker ook naar Cathelijne, de drijvende kracht achter Een perfecte dag voor literatuur (een initiatief binnen Not Just Any Book), voor haar goede keuze in de te bespreken boeken.

Wat mijn medebloggers van De grote goede dingen vinden, lees je HIER.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Boek review

De clichés voorbij

Van het een komt het ander, want een balletje kan raar rollen. En als het niet kan zoals het moet, dan moet het maar zoals het kan. Clichés. Zo waar als tweemaal twee vier is.

Enige tijd geleden heb ik, heerlijk onderuitgezakt in mijn stoel, op tv een show van cabaretier Klaas van Eerden gezien. Daarin komt een scène voor over een “tussendoor-trui”. Van der Eerden speelt de conversatie na van zijn vrouw in haar beslissings- en beoordelingsproces of ze een trui of een vestje zal gaan aantrekken. Je voelt ‘em al aankomen: hier volgt een prachtig staaltje dooremmeren van vrouwen. En helaas, best herkenbaar 🙂

Via Cathelijne van Not Just Any Book (ja precies, de Cathelijne die ook de drijvende kracht achter Een perfecte dag voor literatuur is, dus “van het een komt het ander”) werd mijn aandacht gevestigd op de roman van Nanda Roep met de bijzondere titel Van familie moet je het hebben en kan je het krijgen ook! Door de titel, de tekst op de achterflap en het plaatje op de voorkant vermoedde ik dat het hier uiteindelijk een feelgoodboek met een twist zou betreffen met een heleboel hilarische clichés. Gedeeltelijk kwam mijn verwachting uit, maar deze roman biedt gelukkig zo veel méér.

De roman is opgebouwd als het relaas van Bianca de Groot (ergens in de veertig) aan haar 18-jarige dochter Anouk. Bianca springt daarbij door de tijd heen en weer, waarbij zelfs een enkele keer een periode van vóór haar eigen geboorte aan bod komt. Het gedrag van Bianca als pubermeisje, jonge studente en vervolgens jonge moeder valt af en toe wel in de categorie van typisch-vrouwengedrag. De manier waarop zij druk uitoefent op bijvoorbeeld Michael, de vader van Anouk, vertoont een parallel met de scène van Van der Eerden: steeds verder, steeds dwingender, geen ruimte biedend aan de ander en vervolgens ontaardend in machteloze ruzie.

Het beeld binnen deze familie wat uit de verhalen naar voren komt, is ronduit schrijnend. Geen enkele samenhang, geen lotsverbondenheid, geen “automatische” liefde door de familieband. Je kunt deze roman oppervlakkig lezen, hier en daar glimlachen om de gebruikte clichés en de mate van herkenbaarheid (in je eigen leven of, comfortabeler, in het leven van vrienden, vriendinnen, familieleden), maar naar mijn mening is de grootste verdienste van deze roman dat het aanzet tot nadenken en zelfreflectie.

Tijdens een opleiding mediation/conflictbemiddeling wordt vaak de methode heden-verleden-toekomst gebruikt. Kortweg: als je nu, in het heden, klem zit in een conflict, kijk dan eens terug naar een periode dat alles nog soepeler ging en denk na over wat er nodig is om in de toekomt weer normaal met elkaar te kunnen omgaan. Nanda Roep laat Bianca een quote van Dr Phil aanhalen: “The best way to predict the future, is to look at the past.” In de familie van Bianca komen we dan al snel tot de conclusie dat zij echt haar eigen leven moet gaan leiden, ongeacht hoe haar familie daarover denkt of daarop reageert. Maar dit is altijd makkelijker gezegd dan gedaan. De schrijfster voert ons op heel natuurlijke wijze langs een aantal voorvallen in het leven van Bianca die uiteindelijk tot een keerpunt leiden. En dat maakt dit boek uiteindelijk ook weer een positief, op de toekomst gericht verhaal, waarbij ik mij als lezer kan voorstellen dat dochter Anouk hier veel aan heeft en zich extra bewust is van de liefde van haar eigen ouders.

Qua jeugd, achtergrond en onderlinge verstandhouding kan ik gelukkig stellen dat die van mij onvergelijkbaar is met die van Bianca. Waar het over haar jeugd gaat en met name de momenten waarop zij zich volledig alleen voelde staan, moest ik wel terugdenken aan beelden uit een eerder door mij gelezen roman, waarbij ook sprake is van een afstandelijke verhouding binnen het gezin. In gedachten herinner ik mij een scène van een meisje met lange vlechten in het haar, zittend op de achterbank van de auto, met haar zusje en ouders op weg voor een dagje strand. Het meisje zat volledig in haar eigen wereld. Misschien sla ik de plank helemaal mis, maar ik meen dat dit afkomstig is uit Moederkruid van Carry Slee (Prometheus), één van haar voor volwassenen geschreven boeken. In deze roman komen ook nadrukkelijk de onderlinge spanningen in een gezin “in crisistijd” naar voren. De broeierige sfeer in dit gezin met alle nukken van moeder en de  strapatsen van vader blijven nog lang nazingen in je hoofd.

Ik houd van boeken die niet alleen maar een verhaal bieden, maar juist ook stof tot nadenken. Dit geldt voor beide in deze blogpost genoemde boeken. Voor het kunnen lezen van Van familie moet je het hebben en kan je het krijgen ook! gaat mijn dank uiteraard uit naar Not Just Any Book en Uitgeverij Nanda voor het beschikbaar stellen van een leesexemplaar.

Veel leesplezier!

theonlymrsjo

PS Via deze link kun je de scène over de trui terugkijken.

Heb ik jou beledigd, met mijn generalisering van het gedrag van vrouwen? Dan raad ik jóu extra aan om het boek van Nanda Roep en boeken met een vergelijkbaar thema te lezen en er over na te denken. Ik ben van mening dat er nu eenmaal verschillen tussen mannen en vrouwen zijn. Daar is niets mee, mits wij ons ervan bewust zijn en daardoor met elkaar rekening houden om een evenwichtige samenleving te vormen. En daar hoort af en toe hard om jezelf kunnen lachen volgens mij zeker bij.

2 reacties

Opgeslagen onder Boek review

La famiglia

“…. en gaat het niet zoals ik wil, dan doe ik *dit* en alles staat stil.”

De overbekende zinnen uit het liedje van  de tv-serie Tita Tovenaar, waarbij dochterlief haar frustratie de baas kan worden door met een eenvoudige vingerknip de wereld even stil te zetten. Oh, wat moet ik daar vaak aan denken. Wat zou het niet geweldig zijn om af en toe de wereld te kunnen negeren en in een soort vacuüm de tijd te hebben om een aantal boeken te herlezen. Er zijn zo veel boeken die ik nog wil lezen, dat ik mijzelf zelden de tijd gun om een boek nogmaals ter hand te nemen.

Eén van de boeken die ik onmiddellijk zou herlezen is Leeuwenstrijd van Thomas van Aalten (Nieuw Amsterdam). Dit is typisch een boek dat je niet zomaar eventjes moet lezen, maar dat je moet “grazen als een koe om het daarna te herkauwen en te herkauwen”. Zo noemde mijn vader deze bij sommige boeken gewenste manier van lezen. En ik heb vaak aan mijn vader moeten denken tijdens het lezen van deze roman, die in het kader van de boekenbloggersleesclub Een perfecte dag voor literatuur op mijn weg kwam. Deze roman heeft als ondertitel Een familieroman. Dat klopt natuurlijk ook wel, want het behelst de levens van 4 generaties vaders en zonen. Maar het is ook zo veel méér.

Het geeft een prachtige kijk op de (Nederlandse) geschiedenis van de vorige eeuw tot ongeveer nu. In mijn eigen familie lopen door leeftijdsverschillen binnen huwelijken de diverse generaties nogal door elkaar. Mijn vader was ongeveer van de generatie van Gino Dona, die de zoon is van Tonio, maar tevens de vader van Eduardo, de grootvader van Salvador en de overgrootvader van de 14-jarige Luca. Zelf ben ik iets ouder dan Salvador. Dat maakt dat je de geschiedenis van de familie Dona onbewust gaat vergelijken met de eigen familiegeschiedenis. En dat maakt mij ook weer meer bewust hoe veel invloed afkomst, maatschappelijke positie en religie hebben op ieders opstelling in en kijk op het leven.

Natuurlijk gaat het verhaal ook over de eeuwige strijd tussen vaders en zonen. Elke generatie probeert weer op zijn eigen manier de volgende generatie te behoeden voor de ellende die het zelf heeft moeten meemaken. En keer op keer blijkt dan weer dat dat een onmogelijke opgave is. Ieder mens moet op zijn eigen manier iets van het leven maken, met de eigen idealen, overtuigingen en teleurstellingen. De golfbewegingen in het leven, het rad van fortuin dat de ene keer hoger staat dan in een volgende generatie.

Ik heb genoten van de manier waarop Van Aalten door zijn woordgebruik en stijl duidelijk maakt hoe deze familie in elkaar steekt en wat zij voor elkaar voelen. Het is daarbij wel fijn als je het gevoel hebt dat je op de een of andere manier door jouw familie wordt begrepen en gesteund. En hoe dat begrip en de steun dan wordt vormgegeven, is een belangrijk aspect in deze roman. Knap verwoord, maar je moet geen overweldigende impressies en tot in detail uitgewerkte karakters verwachten. Het zijn allemaal “gewone” mannen, met ieder een eigen bijzonder levensverhaal. Daardoor loopt deze roman het risico dat het te makkelijk en soepeltjes voortkabbelt, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Jouw gezicht zal het laatste zijn van João Ricardo Pedro.

Familieromans zijn er genoeg. Vaak best plezierig om te lezen, zelden waard om te verzuchten waar ik de tijd van herlezen vandaan moet halen. Leeuwenstrijd is echt anders. Ik zou deze willen scharen in het rijtje indrukwekkende geschiedenissen, zoals Wilde Zwanen van Jung Chang. Toen ik dit boek had gelezen, voelde ik mij licht beschaamd dat ik zo weinig wist wat er zich allemaal redelijk recent in China had voorgedaan. En dat is natuurlijk nog steeds het geval. Hoeveel weten we nu echt over de binnenlandse geschiedenissen van andere landen en de invloed daarvan op huidige positionering?

Wat Leeuwenstrijd voor mij extra aantrekkelijk maakt, is juist het nabije, het herkenbare. Ik ben de uitgever Nieuw Amsterdam en Cathelijne van Not Just Any Book dan ook weer dankbaar dat ik deze roman mocht lezen.

Veel leesplezier!

theonlymrsjo

Wil je weten wat de andere bloggers van Een perfecte dag voor literatuur schrijven over Leeuwenstrijd? Klik dan HIER.

2 reacties

Opgeslagen onder Boek review

Voordeel/oordeel van de twijfel

Heel recent heb ik de verhalenbundel Saboteur van Marte Kaan (Ambo Anthos uitgevers) gelezen. Dit bundeltje heb ik mogen lezen in het kader van de boekenbloggersleesclub Een perfecte dag voor literatuur. Het is een voorrecht om in deze club te mogen meedoen, maar in sommige gevallen is bij mij de verwerkingstijd van het gelezene tot aan de blogdatum relatief kort. En daarmee is het soms lastig om een weloverwogen mening te hebben en deze vervolgens ook nog te verwoorden. En als ik een mening heb, is die mening dan bestand tegen de tand des tijds en verdere persoonlijke ontwikkeling?

Vorige week donderdag was ik bij de alweer laatste bijeenkomst van mijn leesclub (irl) voor dit seizoen. Nadat wij met elkaar over het geplande boek hadden gesproken, was het tijd voor de inmiddels traditionele afsluiting: ongekunstelde gezelligheid met “een hapje en een drankje”. Onze voortrekker, Annie, had daarbij weer wat leuks bedacht. Aan het eind van een bijeenkomst zijn wij namelijk gewoon een cijfer aan het boek toe te kennen. De vraag van Annie was nu of wij enig idee hadden hoe de boeken eigenlijk gemiddeld binnen onze leesclub gewaardeerd werden. En de tweede vraag was om aan te geven of wij door het verloop van de maanden ons eigen oordeel over de gelezen boeken hadden bijgesteld. En vooral bij die laatste opdracht ontstond een levendige discussie. De rode draad in de gesprekken was dat er veel factoren zijn die een mening beïnvloeden en dat wijziging in die factoren dus ook tot een wijziging van het waardeoordeel kan leiden.

Zo word ik nu nog heen en weer geslingerd in mijn (voorlopige) mening over Saboteur. In alle verhalen heeft Marte Kaan een constante schrijfstijl. De relatief korte verhalen lezen makkelijk weg. Zij gebruikt korte, duidelijke zinnen met eigentijdse, bijna simpele woorden. Ik was zó door de bundel verhalen heen. Maar dan begint het pas. Dan ga je nadenken over wat je nu eigenlijk gelezen hebt. Het is een aaneenschakeling van verhalen over mensen die vakkundig hun eigen leven (en daarmee impliciet ook het leven van anderen) saboteren.

In elk verhaal is een kernelement van emotie te ontdekken, zoals angst, onzekerheid, wantrouwen en bovenal afgunst. Deze emoties komen in verschillende situaties aan bod. Het gaat onder andere om (vrouwelijke) werkgever – (vrouwelijke) werknemerrelaties, vader – dochterrelaties en kindermeisje – mevrouwrelaties.

Positief vind ik dat de schrijfster mij heel snel midden in de setting van het verhaal weet te krijgen. Om vervolgens aan de ene kant hard te willen weglopen (rare, enge mensen in  een ogenschijnlijk normale verschijningsvorm) en aan de andere kant een enorme honger naar meer informatie, naar meer details (wat is er precies gebeurd dat de hoofdpersoon doet zoals hij/zij doet? Valt het tij nog te keren?). Bij alle verhalen overheerste een zeer ongemakkelijk gevoel, een aan mijn gevoel van eigenwaarde-als-persoon-en-de-mensheid-in-totaliteit knabbelende twijfel. Ik voelde af en toe ook wel enige irritatie over het gedrag of de gedachtestroom van de hoofdpersonen. Mooi detail is dan weer dat het aantal daadwerkelijke dialogen vrij beperkt is, de sfeer wordt heel subtiel door de schrijfster neergezet.

Ik weet het dus gewoon niet. Ik ben nog niet in staat om een stabiele mening te geven. En misschien is dat ook precies wat Marte Kaan wil bereiken: zij heeft met deze bundel mij als lezer gesaboteerd! En dat geeft weer heerlijk stof tot nadenken.

Door Saboteur, Barrevoetse februari van Herta Müller en Waar we wonen van Thomas Möhlmann is mij duidelijk geworden dat het lezen van verhalen of poëzie totaal anders is dan het lezen van een volledige roman. En ook blijkt voor mij dat ik het lezen van verhalen moet leren. Oefening baart kunst, dus kom maar op met verhalenbundels!

Overigens bespraken wij op de laatste bijeenkomst van mijn leesclub-in-real-life het boek En het vergeten zo lang van Pauline Slot (de Arbeiderspers). Typisch zo’n boek waarbij je uitgebreid met elkaar over het thema kunt praten of juist je meer toeleggen op schrijfstijl en dergelijke. Ik vermoed dat over deze roman, gebaseerd op de werkelijke levens van de Chileense dichter Pablo Neruda en zijn Nederlandse vrouw, binnenkort nog een blogpost online komt 🙂

Meningen, impressies, leeservaringen van andere bloggers van Een perfecte dag voor literatuur over Saboteur vind je HIER.

Veel leesplezier!

theonlymrsjo

Wil je alvast een idee krijgen welke boeken binnen Een perfecte dag voor literatuur de komende maanden aan bod komen? Neem dan eens een kijkje op de website van Not Just Any Book.

6 reacties

Opgeslagen onder Boek review

Nachtvlinder

Mijn hele leven ben ik al een rare lezer. Ik lees vrij regelmatig en van alles en nog wat. Jaren later weet ik moeiteloos wat mijn (gevoelsmatige) oordeel over een boek was, maar zelden weet ik nog wat de verhaallijn was! En dat maakt dat ik regelmatig tijdens het lezen van een boek het idee heb dat het mij doet denken aan een eerder gelezen werk, maar zeker weten of mijn associatie klopt, is er niet bij. Nu heb ik daar zelf niet zo veel problemen mee, maar deze eigenschap is bij het bloggen af en toe wel lastig.

Want als ik schrijf dat ik tijdens het lezen van De drie levens van Tomomi Ishikawa moest denken aan “De komst van Joachim Stiller” van Hupert Lampo en aan “Als op een winternacht een reiziger” van Italo Calvino, dan voelt dat voor mij heel logisch, maar voor jullie misschien niet. Dus heb ik de keuze om een associatie alleen maar te noemen als ik helemaal zeker ben van mijn zaak, of ik kan mij van de eventuele onjuistheid niets aantrekken. En (uiteraard) kies ik voor het laatste, want ook als ik er een beetje naast zit, breng ik je misschien toch op ideeën voor het lezen van de genoemde boeken 🙂

 In De komst van Joachim Stiller speelt het magisch realisme een belangrijke rol en leiden alle gebeurtenissen naar die ene persoon. Als op een winternacht een reiziger heb ik jaren geleden gelezen en wat mij vooral is bijgebleven, is de wonderlijke interactie tussen de verschillende verhaallijnen. Een jogger die langs een huis rent waar hij een telefoon hoort rinkelen, zich niet kan bedwingen en dus naar binnen rent en ….. ja, dat telefoontje was voor hem bestemd.

Dat rare, onmogelijke, toevallige samenlopen van ontwikkelingen en gebeurtenissen is zeker ook een rode draad in De drie levens van Tomomi Ishikawa, geschreven door Benjamin Constable (Nieuw Amsterdam uitgevers). Ik las dit boek in het kader van de bloggersleesclub Een perfecte dag voor literatuur. Ik had het boek al een paar keer voorbij zien komen en was inmiddels wel nieuwsgierig geworden.

Het verhaal is heel kunstig in elkaar gezet. Het bestaat uit drie delen. Het eerste deel vond ik uitermate intrigerend en zeer zeker absurd. In dit deel word je als lezer samen met de hoofdpersoon Ben aan de hand van verhalen en aanwijzingen van de verdwenen Tomomi (met als bijnaam Vlinder) meegevoerd door Parijs. Prachtige omschrijvingen van buurten, beelden en tuinen. Ik ben zelf nog nooit in Parijs geweest, ik kan mij voorstellen dat “plaatselijke bekendheid” tot een nog verdere onderdompeling leidt. Gedurende het tweede deel, dat zich afspeelt in New York, raakte ik een beetje mijn interesse kwijt omdat het inmiddels allemaal wel erg onwaarschijnlijk werd. Schitterend geschreven en diep indrukwekkend daarentegen zijn de verhalen van Tomomi van haar diverse “moorden”. Deze verhalen zetten zeker aan tot verder nadenken.

Het derde deel maakt het boek helemaal af. Maar zo passend als de titel van het boek is, zo veel moeite heb ik met de boekomslag.  Natuurlijk herken ik de symbolen van Parijs en New York en de drie gezichten, maar qua kleurstelling en uitstraling doet het naar mijn mening geen recht aan de zwarte inhoud van dit werk. Want zeker na het lezen van het laatste deel kan ik niet anders concluderen dat het een inktzwarte inhoud heeft. Prachtig verpakt in feitelijke beschrijvingen, eigentijdse zaken en persoonlijke relaties, maar loodzwaar. En dat maakt voor mij dit boek in zijn totaliteit de moeite zeker waard. De Engelse editie heeft naar mijn mening een cover die veel beter past: zwart-vlinder-tien voor half vier. Dat laatste element snap je alleen als je het boek leest. En ik raad je aan dit boek te lezen.

Ik weet nog niet zeker of ik het boek en de bedoeling van de schrijver helemaal heb begrepen. En uiteindelijk is het ook helemaal niet belangrijk of de verhalen kloppen en “waarheidsgetrouw” zijn (je zou bijna vergeten dat dit een fictieboek is). Net zoals met mijn associaties met eerder gelezen boeken gaat het namelijk om de totale ervaring van het lezen van dit soort boeken. Wat een rijkdom is dat toch.

Veel leesplezier!

theonlymrsjo

En zoals altijd bij deze de link naar de pagina waar andere bloggers van Een perfecte dag voor literatuur hun mening over dit boek geven.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Boek review

Op wereldreis

Het is weer de tijd van het jaar om terug te blikken en plannen voor het komend jaar te maken. Onlangs verscheen in de NRC een lijst van 50 boeken uit de afgelopen 5 jaar die je gelezen “moet” hebben, prompt gevolgd door een alternatieve lijst waarin vrouwelijke auteurs beter vertegenwoordigd zijn. Zo veel boeken, zo veel meningen. Soms kan het best lastig zijn om je eigen weg in boekenland te vinden. Tijdens mijn dagje Antwerpen (Boekenbeurs) met een aantal medebloggers van de bloggersleesclub Een perfecte dag voor literatuur kwam de vraag naar voren: welk boek zou jij aan anderen adviseren als je maar één titel mag noemen? Zet een aantal lezers bij elkaar en de titels vliegen je om de oren.

Wat bij mij bleef hangen (door de intrigerende titel) is In de zee zijn krokodillen van Fabio Geda. Althans geschreven door Geda, maar het is het waargebeurde verhaal van Enayatollah Akbari, kortweg Enayat. Enayat is een Afghaanse jongen, die samen met zijn moeder uit Afghanistan naar Pakistan vlucht. Het verhaal begint in Pakistan en al gauw blijkt dat zijn moeder Enayat daar alleen heeft gelaten. En vervolgens ontrolt zich het uitermate indrukwekkende relaas van Enayat in zijn poging om te overleven en uiteindelijk terecht te komen in een land en een omgeving waar hij zich prettig en veilig kan voelen. Deze tocht voert hem na Pakistan achtereenvolgens naar Iran, Turkije, Griekenland en uiteindelijk Italië.

Zijn verhaal is door Geda (met af en toe een verhelderende conversatie tussen schrijver en Enayat) geschreven met een taalgebruik dat past bij de voortschrijdende leeftijd van Enayat. Ik kan mij nauwelijks voorstellen hoe het voor een jong mens moet zijn om op deze manier te moeten leven. Wat steeds naar voren komt is het oneindige geduld dat je als illegale vluchteling moet hebben, de enorme veerkracht om steeds toch weer verder te gaan en het belang van een goed netwerk. Bijzonder vond ik dat er heel weinig “emotie-woorden” worden gebruikt: het kan toch niet anders dan dat Enayat regelmatig angstig moet zijn (geweest), gefrustreerd, eenzaam en verdrietig. Dit is ook zo, maar door het zo min mogelijk te benoemen, voel je tijdens het lezen dat deze emoties onderhuids aanwezig zijn. Zeer knap gedaan. Dit boekje is overigens uitgegeven bij de Arbeiderspers.

Terugkijkend naar de boeken die ik in 2013 heb gelezen, kom ik tot de conclusie dat ik ook een soort wereldreis heb gemaakt, maar dan wel vanwege een veel comfortabelere reden en dan ook nog eens vanuit mijn (luie) stoel. Zo heb ik de “Nachttrein naar Lissabon” genomen en rijdend door Spanje mij druk gemaakt over “De gestolen kinderen”, heb ik “Zeven minuten na middernacht”een emotioneel gesprek gehad met een taxusboom in Engeland en met “De Leesclub” een tripje naar Schotland gemaakt. In 2013 heb ik een korte tijd doorgebracht op de “PAAZ”, misschien wel om het geweld uit “Van dode mannen win je niet” te verwerken. Verder heb ik aan de hand van “Brieven uit Londen” aldaar een aantal kunstwerken bekeken en heb ik in Frankrijk meegedroomd hoe mijn “Lijst van al mijn wensen” er uit zou zien. Ik heb mijzelf over een Zeeuwse “Dorsvloer vol confetti” geworsteld, een inkijkje gekregen in de cultuur van het Midden-Oosten via “Een theelepel aarde en zee” en “Zehra” in Turkije geholpen met het wassen van lijken. En zo kan ik nog wel even doorgaan 🙂

Dat maakt voor mij lezen zo ontzettend boeiend. Elk boek geeft iets om over na te denken, een nieuwe wereld van indrukken, ideeën, levens. Ik ben benieuwd wat er in 2014 allemaal voorbij gaat komen. In ieder geval wil ik graag blijven meelezen met Een perfecte dag voor literatuur en staat de eerste twitteravond van Leestweeps (9 februari) ook al in de agenda.Plannen genoeg, dus af en toe een blog ligt wel in de lijn der verwachting. Kleine, korte berichten deel ik voortaan graag met jullie via mijn Facebookpagina (like de pagina en je maakt regelmatig kans om een boek te winnen in een win- cq. weggeefactie!).

Veel leesplezier!

theonlymrsjo

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Boek review

Conor’s strijd

“Zeven minuten na middernacht”. Ik zal maar meteen met de deur in huis vallen: ik wilde dit boek HELEMAAL NIET lezen. Het ziet er schitterend uit, harde kaft, mooie omslag, bijzondere tekeningen, prettig lettertype. Maar het ziet er ook wel echt uit als een kinder- c.q. jeugdboek. En als je dan al weet dat het over een jongen gaat, een ernstig zieke moeder en een monster …. tja dan heb ik in gedachten het verhaal al helemaal gemaakt en mijn vooroordeel al weer klaar. Wéér zo’n zielig verhaal met misschien ook weer zo’n opbeurende (Amerikaanse) feel-good-touch en een onrealistisch einde ……. pfff.

Maar ja, ik heb nu eenmaal toegezegd om dit boek te lezen en ik mocht met enkele medebloggers van de bloggersleesclub Een perfecte dag voor literatuur en op uitnodiging van Uitgeverij De Geus naar Antwerpen voor een ontmoeting met de schrijver, dus …. toch maar lezen.

En misschien zou de schrijver mij kunnen verrassen met zijn aanpak van het thema. Het is overigens al een verhaal op zich hoe dit boek tot stand is gekomen. Het is naar een idee van Siobhan Dowd, een Iers-Engelse schrijfster die zelf in 2007 op jonge leeftijd is overleden. Aan Patrick Ness is gevraagd om haar idee nader uit te werken, waarbij hij de vrije hand kreeg om het helemaal naar eigen believen in te vullen en vorm te geven.

De belangrijke rol van het monster deed mij vooraf terugdenken aan het lezenswaardige boek De jongen die demonen zag van Carolyn Jess-Cooke (Uitgeverij Orlando). In dit verhaal wordt Alex, de jonge hoofdpersoon, zowel geholpen als lastiggevallen door een demon. Deze demon is op een zeer bepalend moment in het leven van Alex te voorschijn gekomen en heeft een grote invloed in de belevingswereld van Alex.

Eenmaal begonnen in Zeven minuten na middernacht viel mij meteen op dat het hier om een zeer goed geschreven verhaal gaat. Conor (de jongen) krijgt om 0.07 uur bezoek van het monster. Het monster (de taxusboom in de tuin) is een bijzonder “monster”. Langzaam maar zeker wordt steeds meer duidelijk waarom het monster nu weer tot leven is gekomen (dat is drie keer eerder gebeurd en die situaties worden door de boom aan Conor verteld) en waarom Conor niet echt bang is voor het monster.

Door het opvoeren van “vriendje” Harry en vriendinnetje Lily had ik een associatie met een (kinder)boek dat ik afgelopen zomer via de app vakantiebieb.nl heb gelezen, namelijk De jongen in de jurk van David Walliams. In dit grappige boekje met serieuze ondertoon komt ook de bewustwording van de hoofdpersoon aan de orde in samenhang met de mensen/familie/klasgenoten/vrienden om hem heen.

Al met al kon ik er inmiddels niet meer onderuit om mijn vooroordeel over Zeven minuten na middernacht overboord te gooien. Aan het einde van de leesavond was ik gevorderd tot pagina 156 en was ik overtuigd van de kwaliteit van dit boek. Ach ja en dan de laatste 58 pagina’s en uiteindelijk “het vierde verhaal”…… ik heb mijn best moeten doen om de tranen die over mijn wangen liepen niet op het boek te laten druppelen.

Natuurlijk weten we, net zoals Conor, allemaal al vanaf de eerste letter wat er gaat gebeuren, wat het onvermijdelijke is. Maar de weg daarnaartoe, alles wat Conor meemaakt en doormaakt, de eenzaamheid, het interne gevecht, de schaamte voor bepaalde gedachten, dat alles is bijzonder knap door Patrick Ness verwoord.

Wat een waanzinnig knappe prestatie om een boek te schrijven dat voor alle leeftijden geschikt is en voor elke lezer iets anders en misschien wel iets persoonlijks zal betekenen.  Het boek is heel toegankelijk maar biedt veel meer dan alleen het primaire verhaal van Conor. Ik heb mij voorgenomen om de boeken die ik lees en bespreek binnen Een perfecte dag voor literatuur, onafhankelijk en objectief te benaderen en als ik een niet zo positieve mening heb, die niet onder stoelen of banken te steken. Tot nu toe ben ik blij verrast met de goede selectie die er gemaakt is. En wat het boek van Patrick Ness betreft: voor alle leeftijden een heel mooi en waardevol Sinterklaas- of Kerstcadeau!

Veel leesplezier!

theonlymrsjo

En nogmaals dank aan Uitgeverij De Geus voor de mogelijkheid om Patrick Ness te ontmoeten. Was een bijzondere middag!

Wil je weten wat anderen schrijven over dit boek? Klik dan HIER.

Het volgende project van Een perfecte dag voor literatuur is een gedichtenbundel van Thomas Möhlmann (Waar we wonen). Mijn blog en de publicaties van de medebloggers komen 7 december a.s. online.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Boek review

Geestverruimende middelen ……

De Amerikaanse schrijver/communicatiewetenschapper Neil Postman heeft ongeveer 30 jaar geleden een boek (Wij amuseren ons kapot) geschreven met als ondertitel: de geestdodende werking van de beeldbuis. Het is al heel lang geleden dat ik dit boekje met veel interesse heb gelezen en bij herlezen zal waarschijnlijk blijken dat de inhoud inmiddels wel wat gedateerd is, maar de teneur uit het boek is mij altijd bijgebleven. Postman stelde aan de orde dat onder andere door de hoeveelheid tv-zenders en de regelmatige onderbreking van een uitzending voor reclameboodschappen, naar zijn mening  het zelfstandig kunnen nadenken van mensen negatief wordt beïnvloed. Door deze flitsende “werkelijkheid” zouden we verleren om voor langere tijd onze concentratie te behouden en een gedachtelijn nader uit te werken.

Als ik deze thematiek combineer met het recente onderzoek dat de laaggeletterdheid onder de groep boven 45 jaar toeneemt, maakt zich een zekere onrust van mij meester. Zijn wij anno nu nog in staat om ons onder te dompelen in een boek? En als we dat kunnen, wat lezen we dan?

In mijn vorige blogpost stelde ik de vraag: wat is literatuur? Uit de ontvangen reacties (waarvoor dank!) kwam een schijnbare tegenstelling naar voren: het lijkt haast of “literatuur” en “een goed boek” niet samen kunnen gaan. Gelukkig blijkt ook hier weer dat de soep niet zo heet wordt gegeten als hij wordt opgediend. Bij nadere inhoudelijke bestudering van de reacties en de gesprekken die ik hierover heb gevoerd, blijkt dat veel lezers een zekere angst voor het woord literatuur hebben, maar vervolgens wel belang hechten aan een goed geschreven boek.

De volgende vraag is dan vanzelfsprekend: wat zijn de kenmerken van een goed geschreven boek? Ook daarover verschillen de meningen. En dat sluit mooi aan bij het essay dat ik heb gelezen in het kader van de bloggersleesclub Een perfecte dag voor literatuur: Wat alleen de roman kan zeggen van Oek de Jong.

In dit essay geeft Oek de Jong zijn zeer lezenswaardige visie op de plaats die de roman inneemt in de verschillende periodes van de geschiedenis en de ontwikkeling die de roman doormaakt. Dé roman bestaat niet, de uitingsvorm van de roman is afhankelijk van tijd, cultuur, tradities. Als de roman de competitie met andere media wil overleven, moet het met zijn tijd mee. Dat is zo in het heden, maar het is ook altijd zo geweest. Wat ik met name interessant vond om te lezen, is de opvatting van De Jong dat voor de ontwikkeling en modernisering van de roman het nodig of in ieder geval aanbevelenswaardig is om de “oude” romans te lezen. Het bezig zijn met de verschillende, veranderende facetten van de roman leidt tot een beter begrip van en een groter plezier bij het lezen van literatuur. Deze ontdekkingstocht prepareert de geest op nieuwe ontwikkelingen.

Moeten we dan nu tot een keuze komen? Tussen tv (en overige media) en boeken? Persoonlijk gaat mijn voorkeur uit naar afwisseling: ik kan mijzelf volledig verliezen in een boek maar ik kan bij tijd en wijle heerlijk ontspannen tijdens een simpel tv-avondje. Het een sluit het ander niet uit.

Als het lezen van romans dan tot verruiming van de geest leidt, zie ik daar een extra aansporing in om regelmatig literaire romans te lezen! Af en toe voelde ik mij wel aangesproken door de schrijver door het ogenschijnlijke gemak waarmee hij allerlei klassieken aanhaalt. Mijn nog-te-lezen-lijst is weer wat langer geworden …. Al met al een boeiend boek waar Oek de Jong zijn visie geeft op verleden, heden en toekomst van de literaire roman. Voor de doorgewinterde lezer van literaire romans mag dit essay niet in de boekenkast ontbreken.

Overigens ben ik niet de enige die vandaag aandacht besteedt aan dit boek van uitgeverij Atlas Contact. Wil je weten wat andere bloggers er van vinden? Lees het HIER.

Veel leesplezier!

theonlymrsjo

En ook dit essay telt mee voor de uitdaging Ik-lees-Nederlands-2013 

1 reactie

Opgeslagen onder Boek review

Literatuur of niet? That’s the question.

Afgelopen zaterdag ben ik als lid van de bloggersleesclub Een perfecte dag voor literatuur en op uitnodiging van Uitgeverij De Geus een dag naar de Boekenbeurs in Antwerpen geweest. Een overweldigende ervaring, zowel door de beurs zelf als ook door de ontmoeting met een aantal medebloggers. Recent heeft er een artikel in de Volkskrant gestaan over de huidige populariteit van boekenblogs. Uit dat artikel kwam naar voren dat er ook zogenaamde bloggers zijn die dat (uitsluitend) gebruiken om gratis recensie-exemplaren op te vragen (en vervolgens een handeltje op bijvoorbeeld Marktplaats op te zetten). Dat is natuurlijk niet hoe wij als serieuze bloggers te boek willen staan. Uit de gesprekken met mijn medebloggers kwam gelukkig een heel ander beeld naar voren. Ik was bijzonder onder de indruk van de bevlogenheid en betrokkenheid van deze bloggers met hun eigen blog maar ook met het boekenblog in het algemeen.

Binnen de bloggersleesclub ligt het accent op literatuur. Wat is dat dan eigenlijk? Is het meetbaar? In de trein onderweg naar Antwerpen had ik een prettig en interessant gesprek met Cathelijne (Not Just Any Book). Zij gaf aan dat er manieren zijn om te beoordelen of een boek literatuur is. Zij, als deskundige op dit gebied, is in staat op basis van schrijfwijze, gebruikte metaforen, invalshoeken, eerste en laatste zin een dergelijk oordeel te geven. Ik zelf ben weliswaar een fervent lezer en bij mij komt “groen en rijp” voorbij omdat ik zelf ook wel van wat afwisseling houd, maar ik ben mij niet eerder zo bewust geweest van het op deze manier “meetbare” van literatuur. Overigens betekent de kwalificatie “literatuur” niet onmiddellijk dat het een goed boek is!

Na het verplichte lezen-voor-de-lijst (eindexamenjaar) was de zin in lezen een beetje weggezakt. Ik las nog wel, maar zonder enige richting of gedrevenheid. Ik herinner mij nog goed dat ik op een gegeven moment een relatief dun boekje had gelezen en dit boekje paste nergens meer in de vele boekenkasten die in mijn ouderlijk huis aanwezig waren. Wat te doen? Juist ja: de daaropvolgende periode heb ik alle boekjes van gelijke omvang in ons huis gelezen, zodat er steeds weer ergens een plekje voor het uitgelezen werk te vinden was. In die periode kwam er van alles en nog wat voorbij. Dat maakte dat ik weer plezier kreeg in lezen. Sinds ik begin jaren ’90 het boekje De Plezierfactor van Felix Eijgenraam heb gelezen, houd ik redelijk nauwkeurig bij wat ik heb gelezen (eerst in een schriftje, nu via goodreads.com). Op de eerste pagina van mijn eerste leesschriftje (Iersche Nachten, Max Havelaar en De kleine Johannes) kwam ik een aantekening van mijzelf tegen: “hebben de docenten dan toch gelijk over het mooie en leesbare van literatuur?”.  Is dat onderscheid dan niet tijdens de lessen Nederlands tijdens mijn gymnasiumopleiding aan de orde geweest? Ik zou het echt niet meer weten.

Toevalligerwijs was ik het boek De Leesclub van Renate Dorrestein aan het lezen. Dit boek staat gepland om te worden besproken tijdens de bijeenkomst van mijn in-real-life-leesclub eind november. Tja, als je dan al zo’n 7 jaar met elkaar een leesclub vormt, kun je op een gegeven moment toch niet om dit boek heen, haha. Ik merkte bij mijzelf een lichte aarzeling om dit boek te lezen, omdat ik een associatie had met De Eetclub van Saskia Noort. Vaste volgers van mijn blog weten dat ik af en toe heus wel een Saskia Noort of vergelijkbaar spannend boek lees, maar dat daar niet mijn eerste interesse en waardering ligt. De Leesclub is echter totaal anders. In een aparte blogpost ben ik van plan hier inhoudelijk meer aandacht aan te geven, maar waar het nu om gaat is het in dit boek zeker naar voren komende thema: wie leest er eigenlijk literatuur?

Het lezen van een literair werk kost soms wel wat meer inspanning (vandaar dat ik het graag afwissel met wat luchtiger romannetjes), maar je krijgt er ook veel voor terug. Ik ben er van overtuigd dat het regelmatig lezen van literatuur bijdraagt aan je eigen persoonlijke ontwikkeling. De volgende vraag is dan echter: hoe blog je over literatuur? Afgelopen zaterdag hadden wij in Antwerpen een ontmoeting met de schrijver Patrick Ness (schrijver van Zeven minuten na middernacht. Blog komt 30 november online!) In dat gesprek, maar ook uit het interview met Renate Dorrestein achterin haar roman De Leesclub, komt duidelijk naar voren dat voor een schrijver geldt dat hij/zij alleen iets goeds of grappigs of moois kan schrijven als hij dat zelf ook goed, grappig of mooi vindt. Naar mijn mening geldt dat ook voor bloggen: een blogger heeft de taak om zijn/haar eigen stijl te ontwikkelen en zodanig te bloggen dat je het ook graag zelf nog eens leest. Mooie uitdaging.

Op 15 november komen overigens binnen Een perfecte dag voor literatuur de blog-artikelen online over Wat alleen de roman kan zeggen van Oek de Jong. Dit thema sluit naadloos aan op het hier besprokene. Dus als je nu wilt reageren: graag! Wellicht kan ik mijn reactie daarop nog meenemen in die blogpost.

Veel leesplezier!

theonlymrsjo

13 reacties

Opgeslagen onder Boek review