Tagarchief: Brainbooks

Moira’s invloed

Vakantiewerk in de thuiszorg. Dochterlief, studente psychologie, vat het samen als: “een beetje schoonmaken en veel, heel veel praten.” Zij heeft nu ervaren hoeveel mensen er op het randje van eenzaamheid leven. En hoe deze mensen uitkijken naar haar komst en haar praatje. Dit zijn dan tenminste nog mensen die ergens in een zorgcircuit zitten. Maar hoe groot is de groep mensen die nergens (meer) aansluiting hebben, in hun eigen wereld(je) leven en buiten de aandachtssfeer van buren, kennissen, zorginstanties en dergelijke zijn? Ik vermoed dat deze groep nog veel groter is dan de groep die af en toe een thuiszorgmedewerker over de vloer krijgt.

Tot die grote groep “onzichtbaren” hoort Paul Kastelein, de hoofdpersoon uit de roman De tussenkomst van Joris van Os (Uitgeverij De Brouwerij – Brainbooks). Als (vervroegd) emeritus hoogleraar planologie worstelt hij met de ledigheid van zijn leven. Niet dat dat anders was in de periode dat hij nog wel aan het werk was, nee, Paul Kastelein is altijd al een beetje afwijkend geweest. Geen vrouw, geen partner, geen vrienden, geen kennissen. Ideeën en plannen heeft hij genoeg, maar hij is, kortweg, sociaal nogal onhandig en dat is een belangrijke reden waarom er van enig sociaal leven weinig terecht komt. En hoe langer zo’n situatie duurt, des te meer gaat dat als “normaal” voelen. De schrijver laat Kastelein een prachtige vergelijking maken tussen zijn leven en een jas: die jas is niet mooi, maar hoe langer je die jas draagt (gewoonte/sleur), des te comfortabeler en draaglijker het aanvoelt. Maar de jas is daardoor nog steeds niet mooi.

In het eerste gedeelte van de roman leren we Paul kennen. Door het taalgebruik en de gehanteerde schrijfstijl word je als lezer simpelweg gedwongen het leestempo aan te passen aan het tergend langzame tempo in de wereld van Paul. We zien hem rondscharrelen in huis en in zijn buurtje (overigens een voor mij, als voormalige inwoner van Amsterdam-Zuid, zeer herkenbaar buurtje) en we zien zijn pogingen om excuses voor zijn leven te vinden. Excuses voor het stilstaan van zijn leven. En dat is volgens Paul te wijten aan Moira, de Griekse schikgodin van het lot. Als Moira een plan met jou heeft, dan is daar niet aan te ontkomen.

Paul krijgt bezoek van een kordate mevrouw van een voor hem onbekende organisatie, die hem in de richting van een seniorencafé probeert te krijgen. Deelnemen aan activiteiten in en rond dat café zou hem wellicht uit zijn sociale isolement kunnen halen. Goed bedoeld, maar dit komt volledig niet bij hem over. Kastelein ziet zichzelf met zijn ongeluk niet “gezellig” met andere ongelukkigen over dat gemis en al die mislukkingen praten. Ongeluk is immers niet zomaar inwisselbaar voor ander ongeluk (vrije quote: enkel en alleen omdat het allebei geld is, kun je toch niet zomaar een dollar verruilen met een yen).

Inmiddels ben ik dan al onder de indruk van het schrijverstalent van Van Os. Het academische wereldje, het vermeende ouwe-jongens-krentenbrood-gevoel, de manier waarop Kastelein met zijn bovenbuurvrouw, een straatjongetje, de plaatselijke boekverkoper en de prostituee Diana omgaat en zijn interne manier van redeneren worden treffend neergezet.

Kastelein begint te geloven dat Moira een plan voor hem heeft als hij onverwachts een nieuwe buurvrouw krijgt, Hella. Hella doet regelmatig een beroep op hem en daarin ziet Kastelein de aanwijzing dat hij het recht heeft om zich met haar leven te bemoeien. En dat doet hij dan ook zeer letterlijk. Hij matigt zich een steeds verdergaande positie aan. In zijn gesprekken met Hella en anderen (zoals de astroloog Arno Westerdijk) weet hij in mooie volzinnen, inhoudelijk alles goed te verwoorden. Zolang het tenminste niet over hemzelf gaat. Dit broeierige, beklemmende, verontrustende gedeelte van het boek deed mij terugdenken aan de spannende thriller Voor ik ga slapen van S.J. Watson (Ambo Anthos). In deze thriller draait het om Christine die door een voorval in haar verleden aan een bijzondere vorm van geheugenverlies lijdt. Elke ochtend wordt zij weer volledig “blanco” wakker. Als zij dan in haar dagboek leest, komen brokjes herinneringen terug en vallen langzaam maar zeker de puzzelstukjes op hun plek. Ik vond dit een goed opgebouwd verhaal, waarbij de mentale gevolgen van beïnvloeding en manipulaties zeer treffend zijn ingezet en beschreven.

Die mentale beïnvloeding heeft ook een belangrijke rol in de relatie tussen Paul en Hella. En hoewel Paul er in eerste instantie van overtuigd is dat Moira alles heeft voorbestemd, wordt het zelfs voor hem steeds lastiger om te blijven geloven dat hij op de juiste weg is. Uiteraard leidt dit alles tot een explosieve climax. Het slot van de roman is echt goed geconstrueerd. Van Os heeft hiervoor een mooie en zeer acceptabele situatie gebruikt.

Het grappige aan de roman De tussenkomst is dat het een ogenschijnlijk spontane combinatie is van diep doordachte filosofische stellingen en een bijna humoristische beschrijving van de lotgevallen van een oudere man die elk contact met de werkelijkheid al lang kwijt is. Gelukkig doe ik niet aan rubriceren en onderverdelen van boeken in genres, want dat zou bij dit boek nog een hele uitdaging worden. Ik houd het gewoon bij mijn conclusie dat het een prettige leeservaring was.

Veel leesplezier!

theonlymrsjo

De tussenkomst is mij door de uitgever ter beschikking gesteld, waarvoor mijn hartelijke dank.

Advertentie

3 reacties

Opgeslagen onder Boek review

Exotische vlinder of Muurbloempje?

Middelbare school + 5e klas = werkweek. En omdat ik op een relatief kleine school zat, was er geen sprake van een keuze voor de bestemming, maar werd die week sinds jaar en dag doorgebracht in Berlijn. Eerste helft jaren tachtig betekende dit het Berlijn “met Muur”. Mijn broer heeft dat alles mogen meemaken. Vol met verhalen, enthousiast en verbijsterd tegelijk, kwam hij na die week weer thuis. Helaas besloot mijn vader, twee jaar later, dat het voor mij (kleine lichamelijke handicap, daardoor destijds niet zo stevig ter been) niet verstandig was mee te gaan op werkweek. En hoe rationeel begrijpelijk ook, het voelt toch nog wel steeds als een gemiste kans.

Natuurlijk kan ik nu alsnog naar Berlijn, maar het huidige Berlijn zal anders zijn dan het ommuurde Berlijn van toen. Dat was voor Xavier Hackel al merkbaar, als hij een paar jaar na de val van de Muur weer naar Berlijn (en vervolgens naar Oost-Pruisen – Polen) gaat. Xavier is de hoofdpersoon uit de roman De schreeuw van de vlinder van Jan Herman Brinks (Brainbooks – Uitgeverij de Brouwerij).

Xavier Hackel is een jonge promovendus die in 1988 voor zijn universitaire onderzoek naar Berlijn gaat. Oost-Berlijn wel te verstaan. Hij wil onderzoeken wat de achterliggende motivatie is om een standbeeld van Frederik de Grote weer in ere te herstellen. Xavier ziet hierin een aanwijzing voor een mogelijke hereniging van de twee Duitslanden. Zijn omgeving is daar nog lang niet van overtuigd en in Oost-Berlijn worden zijn bewegingen dan ook nauwlettend in de gaten gehouden. Gaat hij als Westerling problemen veroorzaken? Is hij een communist, een marxist? De grote vraag is alleen: wie houdt hem precies in de gaten? Langzaam maar zeker sijpelt het wantrouwen in alles en iedereen bij Xavier naar binnen, ook in de relatie die hij vol overgave aangaat met de Oost-Duitse reisleidster Ilse. Dit wantrouwen, met een totaal ontredderd gevoel als gevolg, deed mij terugdenken aan de roman van Maartje Laterveer met de titel De mooiste kleur die niet bestaat (Meulenhoff). In die roman draait het primair om Julia die uit Oost-Berlijn weet te vluchten maar daarbij haar moeder en haar partner achterlaat. Later, na de de val van de Muur, gaat zij als journaliste terug en ontmoet haar grote liefde opnieuw. Zij wisselen hun verhalen uit, maar wie kan nu nog precies achterhalen hoe alles gelopen is. Wie heeft wie geholpen of juist verraden? Welk verhaal is juist en is “juist” niet een begrip bij uitstek dat door omstandigheden wordt ingekleurd?  Beklemmend, verwarrend, verontrustend.

Naast het thema naoorlogs Duitsland en de Muur valt De schreeuw van de vlinder op door de schrijfstijl en het taalgebruik van Brinks. Het is geen roman die je even snel weg leest, elke zin heeft zijn plek en zijn betekenis in het geheel. Brinks schuwt het gebruik van “moeilijke” (in de zin van niet-alledaagse) woorden niet en ook zijn zinsconstructies zie jij tegenwoordig niet vaak meer. Persoonlijk vind ik het wel prettig om zo nu en dan weer eens een boek te lezen waar je een beetje moeite voor moet doen. Na een schitterend en veelbelovend begin had ik even moeite om de aandacht er bij te houden. Maar met elke zin, met elke gebeurtenis werd dat steeds makkelijker. De grote mate van (historische) details verraadt de achtergrond van de schrijver als historicus en journalist. Het is ook wel bijzonder om bij stil te staan dat deze roman in 2013 is geschreven (althans in dat jaar uitgegeven), maar het verhaal zich in 1988 en een paar jaar daarna afspeelt.

Ilse noemt hem een vlinder, een exotische vlinder. Zij geeft hem een porseleinen vlinder en dat aandenken is voor Xavier gedurende een aantal jaren het tastbare bewijs van haar bestaan en hun gemeenschappelijke ervaringen. In de beleving van Ilse fladdert hij als een vlinder heen en weer tussen Oost en West, tussen persoonlijke, licht moralistische opvattingen en maatschappelijk verantwoorde stellingen. Xavier is geobsedeerd door de grens tussen Oost en West, zowel de fysieke in de vorm van de Muur als ook de psychische grens door het verschil in levens en opvattingen. Voor communisten is geschiedenis vooral politiek en dat blijkt dan ook uit hun gedrag en ideeën. Ook in zijn eigen familie zijn er muren opgeworpen. Het verleden van zijn grootouders en zijn eigen ouders drukt nog zwaar op het eigen leven van Xavier en beïnvloedt zijn toekomstvisie. Het beslechten van die muren kost trouwens minstens net zo veel moeite als het beslechten van de Berlijnse Muur.

Bij zijn aankomst in Berlijn ziet Xavier een prachtig huis in Jugendstil-stijl staan. Of dit huis er werkelijk staat, blijft de vraag. Het is misschien meer een materialisatie van de beschrijving van het huis van zijn grootouders. Dat huis staat echter in Oost-Pruisen en daar komt Xavier pas enige jaren na de val van de Muur terecht. Het huis heeft een soort boodschap voor hem. Dit deed mij terugdenken aan De schaduw van de wind van Carlos Ruis Zafón (Signatuur – A.W. Bruna). In mijn herinnering is daar ook een huis dat een bepaalde sfeer uitstraalt en een boodschap of waarschuwing wil laten uitgaan.

Ik heb niet de illusie dat ik de (diepere) bedoeling van Brinks helemaal heb ontdekt. Zeker wat het slot betreft heb ik daar mijn eigen invulling aan gegeven. En dat is misschien ook precies wat de schrijver ons toestaat. Geschiedenis is geen statisch, concreet gegeven en geschiedenis is niet alleen maar het verleden. Ook in het hier en nu is de invloed van “toen” voelbaar. Het maakt dat je af en toe ook met een meer afstandelijke blik naar het heden gaat kijken. En dat is zowel beangstigend als geruststellend. Al met al een bijzondere leeservaring.

Veel leesplezier!

theonlymrsjo

Uitgeverij De Brouwerij maakte het voor mij mogelijk om De schreeuw van de vlinder te lezen, waarvoor mijn hartelijke dank.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Boek review

Schotse ruit

De meest gestelde vraag aan een schrijver is volgens mij: “is dit verhaal (deels) autobiografisch?” Het zou mij niets verbazen als dit ook meteen de meest irritante vraag voor de schrijver is, maar op de een of andere manier vinden veel lezers dat een autobiografisch aspect een extra dimensie aan de inhoud van een roman geeft.

Of Alea elementen uit het leven van de Nederlandse schrijfster Ria Schopman bevat, weet ik niet en heb ik ook verder niet onderzocht, maar ik heb wel begrepen dat een persoonlijke ervaring voor haar het laatste zetje was om deze roman te schrijven. De titel van het boek heeft een tweeledige betekenis. Het is de naam van een meisje. De vraag in dit boek is of dit meisje daadwerkelijk bestaat en zo ja, waar zij zich bevindt op het Schots eilandje waar het verhaal is gesitueerd. Het woord Alea komt verder voor in het Latijnse gezegde: Alea iacta est, wat in het Nederlands wordt vertaald als “de teerling (dobbelsteen) is geworpen”, oftewel het verloop van de geschiedenis staat al vast. En dat is inderdaad de rode draad in het verhaal: de ontwikkelingen zijn onvermijdelijk.

Ik was behoorlijk onder de indruk van het eerste hoofdstuk. Het desolate gevoel na het overlijden van de laatste ouder is helaas een gevoel dat ik ken. En ook ik heb een broer (gelukkig nog in leven!) die mij tijdens onze jeugd steeds weer in zijn kamer vroeg om te luisteren naar allerlei langspeelplaten die hij zorgvuldig op de grammofoon legde. Al met al dus een herkenbare omgeving, een en ander geschreven in een eigentijdse taal. Maar wat Odiel, de hoofdpersoon, vervolgens allemaal meemaakt is naar mijn mening soms wel een beetje te veel van het goede. Odiel heeft zich op het eilandje teruggetrokken om haar verdriet te kunnen verwerken en zichzelf terug te vinden. Als volledige vreemdeling weet zij echter in recordtempo een mysterie op te lossen en Alea een nieuwe positie te geven.

Tussen alle feitelijke gebeurtenissen door is er veel aandacht voor bijzondere, geestelijke ervaringen van Odiel. Zij ziet mensen, hoort hun stem, heeft interactie met hen, maar dat alles in een schemergebied tussen droom en werkelijkheid. Dat paste prima in de totale context, maar het maakte wel dat ik moest terugdenken aan een hype van jaren geleden over de boeken van James Redfield: De Celestijnse belofte en Het tiende inzicht. Deze boeken waren in de jaren negentig enorm populair onder de liefhebbers van new age, esoterie en spiritualiteit. Toen de ergste hype voorbij was, heb ik beide boeken ook gelezen. Als je een beetje door het Amerikaanse sausje heen leest, zitten er in De Celestijnse belofte toch een aantal elementen om over na te denken. Misschien moet ik deze boeken eens gaan herlezen als opfrisser.

Eigenlijk weet ik nog niet helemaal wat mijn “eindoordeel” over Alea is. Het is een makkelijk leesbaar boekje, van een niet al te grote omvang. Het verhaal is meeslepend, er zitten zeker een aantal mooie filosofische uitspraken en gedachten in, maar voorlopig overweegt bij mij het gevoel dat het allemaal net iets té bedacht is. Of niet zo zeer té bedacht, maar het razendsnelle tempo waarin de ontwikkelingen gaan, zint mij niet. Zou het dan toch interessant zijn om te weten waarom Ria Schopman dit boek heeft geschreven? Ik kan mij een tweede deel voorstellen, waarin we meer vanuit Alea de geschiedenis nog eens doorlopen en van haar proberen te begrijpen hoe zij tegen haar situatie en toekomst aankijkt. Ik vermoed dat de schrijfster hierover veel te vertellen heeft. Mijn conclusie kan dus ook zijn dat deze roman veel meer in zich heeft dan bij een eerste snelle lezing opvalt. En dat ook dit boek het waard is om nog een keer gelezen te worden.

“Praatjes vullen geen gaatjes”, maar Damespraatjes.nl vulde wel degelijk een gaatje in mijn boekenkast. Onlangs had ik namelijk meegedaan aan een prijsvraag via de nieuwsbrief van Damespraatjes en tot mijn grote verrassing kreeg ik enige tijd later de in deze blogpost beschreven roman Alea toegezonden van Uitgeverij de Brouwerij. Hartelijk dank aan de organisator van de winactie en de uitgeverij!

Natuurlijk ben ik benieuwd naar jouw eventuele leeservaring van Alea of de boeken van James Redfield. Reacties zijn altijd welkom, hieronder of via mijn facebookpagina Theonlymrsjo.

Veel leesplezier!

theonlymrsjo

2 reacties

Opgeslagen onder Boek review